Riolering

Op 22 april werden we op het nieuwe protserige glaspaleis van Waternet ontvangen om te horen hoe in Amsterdam woonboten op de riolering worden aangesloten. Let op: dit geldt alleen voor het gebied waar hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vechtstreek AGV bevoegd is, of waar Rijkswaterstaat directie Noord-Holland de waterbeheerder is. Dat is het grootste deel van Amsterdam, ten westen van de Noorder- en Zuider IJdijk en bezuiden de Nieuwendammerdijk, Buiksloterdijk en Landsmeerderdijk, de oude zeewering dus. Niet Utrecht en niet het Markermeer. Hoogheemraadschap Noord-Hollands Noorderkwartier doet ook niet mee.

In dit gebied is het de bedoeling alle woonboten op het riool aan te sluiten. Niet meer vóór 2005, vooralsnog wordt het nog eens in de komende 10 jaar geprobeerd. Sinds 1 januari 2008 geldt het Besluit lozing afvalwater huishoudens (afgekort ‘Bah’). Dit besluit biedt de mogelijkheid dat in stedelijk gebied alsnog op z’n minst een resultaatsverplichting tussen waterbeheerder en gemeente afgesproken kan worden, om woonboten aan te sluiten op de riolering. In dat geval komt er een ontheffing op het lozingsverbod. We krijgen de garantie dat er tijdens de planperiode geen sprake zal van handhaving. Wel raar hoor, want er bestaat voor huishoudens geen verbod op lozing op het oppervlaktewater.

Er bestaat geen aansluitplicht. Bizar is dat namens Waternet wordt gesteld dat ze zich daarom hard zal maken dat het lozingsverbod voor huishoudens wordt gehandhaafd. Over ontheffen wil de woordvoerder niet praten. De wet is de wet en daar is niet over te discussiëren. Hij is jurist, vandaar. Rechtszaken over deze inflexibele opstelling ziet hij graag tegemoet.
Sommige industrieën hebben wel ontheffing, maar onder voorwaarden. De daarin gestelde meetwaarden zullen gehandhaafd worden, wordt ons beloofd. Leuk hoor, maar bij deze ruim gestelde ontheffingen stellen die voorwaarden weinig voor. Bovendien, als niet alle lozingsstoffen omschreven zijn, zijn die daarmee ook niet verboden.
Op de vraag of het voor het milieu niet veel doeltreffender en ook rendabeler is om de meetbare industriële lozingen te beperken in plaats van de niet meetbare huishoudelijke lozingen, wordt gezegd dat deze discussie dan thuis had gehoord in Den Haag en bij het bestuur van AGV, maar daar niet gevoerd is. Dus komen we hier gewoon te laat mee aan. Dit is politiek en onze projectleider is ambtenaar, hij kan daar dus niets mee. Ook zijn baas gaan uitleggen dat dit eigenlijk een wat ongelukkig project is, het behoort wat hem betreft niet tot de mogelijkheden.

In Amsterdam zijn al drie pilotprojekten gestart om te ontdekken of er met de rioolaansluiting nog problemen opdoemen waar even niet aan is gedacht. Het gaat om een paar kades in het oostelijk havengebied van Zeeburg, langs de Da Costakade en bij de De Wittekade. De bewoners zijn geen proefkonijn, nee het gaat erom of de overheden met elkaar kunnen samenwerken. Het gaat erom ervaring op te doen hoe de verschillende diensten hun bezigheden op elkaar afstemmen. Bewoners wordt alleen verzocht mee te werken.
Wie niet in een pilotprojekt zit hoeft op dit moment niets te ondernemen.
Zodra er zich teveel complicaties voordoen, dan is het aan het bestuur AGV om een andere oplossing te zoeken. Zoals bijvoorbeeld het gebruik van ‘individuele behandeling afvalwater IBA’. Dat zou duurder kunnen worden. En ook wel jammer, want een IBA blijft altijd een restlozing houden.
Ja het is waar, in Haarlem gaat aansluiting op kosten van de gemeente. En in Utrecht wordt het grootste deel betaald. In Amsterdam is daar niet voor gekozen door het bestuur van AGV en daar hebben we het mee te doen.

De projectleider meldde dat het riool in Amsterdam geen rioolperssysteem kent en dat dus een afvoer van 5,5 cm. vanaf de woonboot voldoende is. De aanleg vanaf het riool en door de kade is voor kosten van de gemeente. De bewoner moet zijn woonboot met een pompinstallatie uitrusten om de aansluiting werkend te maken. Bevriezing en breuk zijn voor risico bewoner. Een enkele veraf gelegen wastafel mag waarschijnlijk gewoon blijven lozen. Heel attent: men raadt een overloop voorziening aan voor het geval de rioolpomp het begeeft. Doen!
Het is de bedoeling dat aansluiting van woonschepen op het riool plaats heeft waar de gemeente al voorzieningen heeft getroffen. Het rioolstelsel wordt stukje bij beetje gefaseerd vernieuwd en dus houdt de aansluiting van woonboten daarmee gelijke tred. AVG en Rijkswaterstaat hebben geen invloed op de rioleringsplannen van de gemeente. Het verdriet ze zeer. Na de zomer komt er een gemeentelijke planning tot 2010. Daar is nog het wachten op. Dus pas in de herfst 2008 wordt de planning bekendgemaakt op de site van ‘projektburo schoonschip’ die hieronder vermeld staat.
Zodra een aansluitplan is vastgesteld, gaat dat traject 12 maanden lopen. Na 10 maanden komt er een controle en na 16 maanden volgt handhaving met dwangsommen. Onfatsoenlijk dit soort dreigementen, want er is geen aansluitplicht, maar met dit lozingsverbod denkt de projectleider zijn taak te vervullen.

Er bestaat duidelijk spanning tussen waterbeheerders -AGV en RWS- en rioolbeheerder -de gemeente-, ze zitten niet op één lijn. Amsterdam kan domweg het rioolstelsel niet in 10 jaar vernieuwen. Dat is in ieder geval financieel, maar ook technisch onmogelijk. Bedenk ook eens hoeveel straten er opgebroken moeten worden, dat kan nooit in zo korte tijd gebeuren. Vooralsnog gaat men er bij de gemeente dan ook vanuit dat de riolering in de komende 50 jaar zal worden vernieuwd. Dus het voornemen van AGV en Rijkswaterstaat om 2500 Amsterdamse woonboten in 10 jaar aan te sluiten op het riool is nu al onhaalbaar. Tenzij de gemeente daar plotseling heel hoge prioriteit aan gaat toekennen.

Subsidie
Er is door AGV op 22 mei 2008 voor de rioolaansluiting een subsidieregeling vastgesteld. Deze regeling loopt af in 2018. Rijkswaterstaat kende al een subsidieregeling sinds 18 december 2007, die tot in 2017 doorloopt. In beide is € 1250,- het maximum. Rijkswaterstaat schat dat dit gemiddeld 25% van de kosten dekt. Rijkswaterstaat geeft nog apart subsidie van € 750,- op de keuring van de installatie om voor subsidie in aanmerking te komen. Deze verplichte keuring of controle achteraf moet door een installateur worden uitgevoerd. Bonnetjes van na 1 januari 2005 kunnen ingeleverd worden om voor subsidie in aanmerking te komen.
De ambtenaar meende nog dat de kosten van de benodigde apparatuur omlaag zullen gaan zodra leveranciers horen dat er veel geleverd kan worden. Hoe naïef toch.

Als belangrijkste informatiebron wordt door AGV en Rijkswaterstaat verwezen naar de site Info@projectbureauschoonschip.nl telefoon: 020 5860550 / dhr. R.D. Kroeze
Waternet, postbus 94370, 1090 GJ Amsterdam
www.agv.nl vermeldt de AGV subsidieregeling
Nogmaals: wie niet in een pilotprojekt zit hoeft op dit moment niets te ondernemen.